Bekèèkut van swirskante

11 november 2017

historie cv de pinnekleuvers

Vóór 1973

Begin zeventiger jaren van de vorige eeuw was er in een aantal kernen van de gemeenten Hilvarenbeek en  Diessen sprake van de viering van carnaval in verenigingsverband. Zo waren er de Pezerikken in Hilvarenbeek, de Haaikneuters in Esbeek, de Stopnaolden in Diessen en de Durdauwers in Haghorst die probeerden het dorp vanaf de laatste zondag voor de Vasten tot en met de Vastenaovond op zijn kop te zetten en elkaar de zotskap voor te houden.

 

In de Biest was er ook  een groep, die vond dat er daar ook carnaval gevierd moest worden. Deze groep had in eerste instantie te maken met samen voetballen en samen gaan vissen maar men hield er ook van om met de partners gezellig te dansen en daarbij een borreltje of pilsje te drinken. Tijdens voetbalwedstrijden bij Café van Dal en bij de Bockenreyder kwam bij regelmaat het onderwerp aan de orde. Die vriendengroep hield al een donateursactie en men verzorgde een keer per jaar een dansavond. Voordat er een officiële carnavalsclub was, werd de groep geleid door Theo Braber.

 

Toen steeds duidelijker werd dat er die carnavalsclub zou moeten komen, nam Kees Barten contact op met Jan Abrahams. Kees zei dat men voldoende mensen had voor een Raad van Elf maar dat men nog een voorzitter zocht. Jan Abrahams adviseerde Kees om contact op te nemen met Toon Palinckx (een jeugdvriend van Jan) en hem te vragen om voorzitter te worden en daarbij de gevleugelde woorden te gebruiken “ast moet dan moetut”. Toon zei ja en daarmee was ook de voorzitter binnen. Een gesprek met Willem Manders van de Postiljons leverde de oude capes van de Postiljons op en daarmee kon men van start.

 

1973-1984: de eerste elf jaar

In 1973 werd bekend dat de inwoners van Biest-Houtakker voortaan met carnaval “de Pinnekleuvers” zouden gaan heten. Er werd een eerste Prinsenbal gehouden en Kees Barten werd onder de naam Prins Bachus de eerste prins der Pinnekleuvers. De eerste adjudant was Toon Palinckx, die ook het voorzitterschap vervulde. Kees en Toon wisten niet wie Prins zou gaan worden en hadden op het Prinsenbal beiden dezelfde toespraak in hun zak.

 

In de jaren, die volgden, was Bachus vele keren Prins. Zijn prinsschap werd onderbroken door Prins Antonio (Toon Palinckx) in 1982 en Prins Kobus (Sjak Palinckx) in 1979. In 1979 kenden we voor het eerst een Jeugdprins(es) in de persoon van Karin Vingerhoets. In 1981 waren vader en zoon Prins en Jeugdprins. Dat waren Kees en John Barten. In 1982 werd de eerste zêveraovond gehouden met als winnaar Dorus Demper (Jos van Puijenbroek).

 

Op weg naar het 11-jarig bestaan van de Pinnekleuvers deed zich een probleem voor. De Prins werd toen nog steeds gekozen na de algemene jaarvergadering van de Pinnekleuvers uit de leden van CV de Pinnekleuvers. Tijdens de vergadering werd door de CV als kandidaat-bestuurslid aangedragen Wim van den Biggelaar. Wim had veel ervaring opgedaan bij de Pezerikken en zou dus een geschikte Prins zijn bij het 11-jarig bestaan. Er kwam echter een tegenkandidaat in de persoon van Net de Graaf. Na meerdere stemmingen werd uiteindelijk (en gelukkig) Wim van den Biggelaar tot bestuurslid gekozen. Wim werd Prins Willem I der Pinnekleuvers gekozen bij het 11-jarig bestaan in 1984. Vanaf 1984 kennen de Prinsen een persoonlijke onderscheiding. Daarnaast is er de clubonderscheiding (een houten bijltje klein, middel en groot). In uitzonderlijke gevallen is er de ‘Gouden Pinnekleuver’.

 

1984-1995: op naar 22 jaar

In de daarop volgende 11 jaren had CV de Pinnekleuvers te maken met Prins Willem I (1985), Prins Dorus – Theo de Graaf (in 1986-1987-1988), Prins Wim- Wim ‘B”van den Biggelaar (1989-1990 en 1991), Prins Sjaak - Sjak van der Aa (1992, 1993, 1994 en 1995).

 

In deze elfjarige periode werd de ‘Gouden Pinnekleuver’ uitgereikt aan Tinus Priems (1985) vanwege zijn grote verdienste voor CV de Pinnekleuvers (11 jaar secretaris). Hij was dat jaar verdienstelijk dorpsgenoot. In 1987 werd de ‘Gouden Pinnekleuver’ uitgereikt aan Kees Barten eveneens vanwege zijn verdiensten voor CV de Pinnekleuvers. Kees was een van de oprichters en acht keer Prins. Ook hij was dat jaar verdienstelijk dorpsgenoot.  In 1991 reikte Prins Wim de ‘Gouden Pinnekleuver’ uit aan zijn oom Wim van den Biggelaar, ex-Prins en ex-voorzitter van de Pinnekleuvers. In deze 11-jarige periode deed zich opnieuw voor dat een vader en zoon Prins en jeugdprins waren, namelijk in 1987 Theo en Lennart de Graaf. In 1989 werd de eerste boerebröloft gehouden met als bruid en bruidegom Lien Bezighei (Carolien Vriens) en Sjaak de Leste Krikker (Sjaak Boers). Vanaf 1986 is er sprake van een clubmotto. Het eerste clubmotto was: Saome Maoktut.

 

In 1992 werd voor het eerst de Pûike Pinnekleuver(in) uitgereikt. Die was dat jaar voor Annie van den Biggelaar. Het beeldje dat bij deze onderscheiding hoort is gemaakt door Wim van den Biggelaar. Daarvoor werd deze onderscheiding de verdienstelijke dorpsgenoot genoemd.

 

In 1995 werd het 22-jarig bestaan gevierd. Op de avond van de receptie kreeg voorzitter Theo de Graaf de opdracht om zijn taak als opperspreekstalmeester over te dragen aan Jan de Kort en werd hij onderscheiden met de ‘Gouden Pinnekleuver’.

 

 Van 22 naar 33 jaar. Van 1995 naar 2006.

Op weg naar het volgende jubileum naam Prins Viktor ( Jan de Kort) het roer over in 1996, 1997 en 1998. Na hem kwam Prins Sjaak in 1999 nog een vijfde keer terug als prins. Daarna was het tijd voor Prins Joost (Joost Geboers), die daarmee als Prins het nieuwe millennium in ging. Joost was prins in 2000, 2001, 2002 en 2005.  In 2003 en 2004 vervulde Prins Luc (Luc Schepers) het prinsschap.

 

En nu op weg naar 44 jaar!

In 2006 was het tijd voor het 33-jarig bestaan van CV de Pinnekleuvers. Omdat residentie D’n Bolck inmiddels was veranderd in een Wok garden werd besloten om het 33-jarig bestaan te vieren als een schuurfeest in de schuur van Annie (voorzitter CV) en Henk van de Wouw. Tijdens de receptie wilde de Pinnekleuvers voor het eerst hun nieuwe outfit (smokings in plaats van capes)  presenteren. Door problemen bij de leverancier lukte dit niet. Wel werd tijdens de receptie het nieuwe Biestse drankje “Ut Biests Regentje” geboren. Met carnaval 2006 was Prins Erik (Erik van de Pas) leider van de Pinnekleuvers. In 2006 werd voor het eerst het gehele carnaval in de gymzaal gevierd, dit met behulp van Wel Gement Facilitair. Dit bracht gelijk een novum: op het prinsenbal 2007 werd Prins Vinum (Mart van Vught) als eerste Prins buiten de CV gepresenteerd. Ook de daarop volgende prinsen kwamen van buiten de CV: Prins Credit (Hans Hesselmans) in 2008 en Prins Paulus (Paul Reijnen) in 2009. Prins Paulus had als externe adjudant Carolus (Karel Dieker). Paul en Karel werden daarna officieel lid van CV de Pinnekleuvers. Omdat met carnaval 2010 Karel Prins Carolus werd en Paul zijn adjudant waren de rollen nu omgedraaid en was er weer sprake van een interne Prins.

 

 

Gilde S.s.t.t. Bachus

Dit is de club van de ex-Prinsen van CV de Pinnekleuvers. Deze club komt jaarlijks bijeen tijdens het Prinsenbal. Het verhaal S.s.t.t. betekent salvis titulis, of wel zonder titel en dat is ook zo als je geen Prins meer bent. Om bij de club te kunnen komen moet je solliciteren. Je krijgt dan een opdracht die je ten overstaan van de ex-Prinsen moet vervullen. Als je toegelaten wordt krijg je een sjerp met daarop de toevoeging Ex-prins……… . Daarbij behoort de steek, die je als Prins droeg of een vervangende steek. De sjerp wordt aangeboden, voor de steek moet je zelf zorgen. Zie voor het totale overzicht van de (ex)Prinsen elders op deze site.

 

 

D’ Ouw Blauw

Dit is een club van ex-leden van CV de Pinnekleuvers. Om lid te kunnen worden moet je vijf jaar deel hebben uitgemaakt van de CV. Ook hier moet je een sollicitatie doen om bij de club te kunnen komen. Iedere échte carnevalsvierder kent ut.

 

Ut gevuul dettoe overvalt nao vier daoge fanatiek carneval gevierd te hebben. Ut gevuul waor ge swoensdagssmèèreges mee wakker wordt.‘Tis moeilijk um ut ûit te leggen aon iemand die ut nie kent. Miense die mee carneval thûis blijven, doen ut mistal af as unne kaoter: “te veul gedronken”. En ja, het lekt ur wel un bietje op. Mèr ut is anders. ‘Tis dieper, intenser. Ge hed vier daogen in unnen wereld gelèèfd die bol stao van drukte, gezelligheid, gekkighei en muziek. En ineens houdt dè dan op. Ge zèd de vèèfde dag de weg un bietje kwèèt.

 

Gedesoriënteerd noemen we dè. Ge moet wir umschaokelen naor de normale wereld, naor de sleur van alledag. Ge zèd in un zwart gat gevallen……… En over dè zwarte gat wil ik ut hebben. Van Dale zegt dè iemand die in un zwart gat valt, nie wit wettie moet doen. Hoewel ge d’r dus wel in kunt vallen, is un zwart gat ginne kûil (unnen kûil kan ôk hillemol gin gat zèn, want ge kunt er nie durhene kèèken). Nèè, ’t is un gevuul: ’t gevuul degge nie op oe plaots zèd. En dè gevuul is nauw precies de reden geweest um D’Ouw Blauw op te richten. We zèn misschien wel de innigste club die in zun statuten vaast hee liggen, desse nie in un zwart gat willen vallen. Wè hebben D’Ouw Blauw dan mee dè gat?

 

As ge nao jaoren stopt as lid van de carnevalsclub, dan lôôpte dun irstvolgende carneval (en sommigen nog wel langer) un bietje verdwaosd rond. Ge wilt oeweige eigenlijk nog steeds overal mee bemoeien, mèr ge heurt er niemer bè. En al die dingen die ge irst moest doen en waor ge op moest letten, die hoeven ineens niemer. Wè moete dan toch hil de carneval doen? Dè gevuul is ut zelfde as wè dieje carnevalsvierder swoensdagssmèèreges vuult, mèr dan tien keer zô erg. En ut duurt un stuk langer.

 

D’Ouw Blauw hebben ut goed aongevat. Ze biejen C.V. de Pinnnekleuvers wè hulp aon en kunnen dureige dur zodoende toch nog un bietje mee bemoeien. We hoeven niks en meugen alles. Is dè wè? En we zèn nog steeds mee un clubke op pad. Ge zut ons ut clubke van miense mee un zwart gat kunnen noemen of misschien net hillemol nie…

 

Daor moeten we ut mee de carneval nog us over hebben.

 

 

 

CV DE PINNEKLEUVERS - BIEST-HOUTAKKER - SINDS 1973